Selecteer je taal / Choisissez votre langue


Maat

S (M-L-XL)

Dit heb je nodig

  • Rechte breinaalden 4 mm

  • Rondbreinaalden 4 mm - 100 cm

  • Stekenmarkeerders

  • 1 wolnaald

  • 6 (7-8-9) bollen Multico - I00

  Multico (50gr/160m)  

Stekenverhouding

10 x 10 cm = 24 steken en 36 rijen in fantasiepatroon

Gebruikte steken

Ribbelsteek

  • Alle rijen en alle steken recht als je heen en weer breit.
  • Afwisselend een toer recht en een toer averecht als je in het rond breit.

Rechte tricotsteek

  • 1ste rij: alle steken recht breien.
  • 2de rij: alle steken averecht breien.
  • Deze 2 rijen steeds herhalen.

Fantasiepatroon in ajour volgens schema 

 


Zo maak je het

Rugpand

·        Zet 118 (130 - 142 - 154) steken op en brei 4 rijen in ribbelsteek.

·        Brei twee rijen in rechte tricotsteek.

·        Ga verder in fantasiepatroon. Brei 4 (5 - 1 - 2) steken in rechte tricot, brei 11 (12-14-15) herhalingen van het fantasiepatroon, brei de laatste 4 (5 - 1 - 2) steken in rechte tricot. Zie tips.

·        Brei tot een totale hoogte van 26 (29 - 31 - 34) cm en kant dan aan weerszijden 8 steken af voor de armsgaten.

·        Brei verder tot een totale hoogte van 47 (50 - 53 - 56) cm, kant de middelste 42 (42 - 44 - 46) steken af en brei de twee helften nu apart verder.

·        Kant in de volgende rij aan halszijde 3 steken af.

·        Brei verder tot een totale hoogte van 48 (51 - 54 - 57) cm en kant de overgebleven 27 (33 - 38 - 43) steken losjes af.

 

Voorpand

·        Brei zoals bij het rugpand tot een totale hoogte van 41 (44 - 47 - 50) cm en kant de middelste 28 (28 - 30 - 32) steken af (zie tips). Brei de twee helften nu apart verder.

·        Kant om de twee rijen aan halszijde eerst 4 steken, dan 3, dan 2 en dan nog 1 steek af.

·        Brei verder tot een totale hoogte van 48 (51 - 54 - 57) cm en kant de overgebleven 27 (33 - 38 - 43) steken losjes af.

 

Mouwen

·        Zet 84 (94 - 102 - 112) steken op en brei 4 rijen in ribbelsteek.

·        Brei twee rijen in rechte tricotsteek.

·        Ga verder in fantasiepatroon. Brei 2 (2 - 1 - 1) steken in rechte tricot, brei 8 (9-10-11) herhalingen van het fantasiepatroon, brei de laatste 2 (2 - 1 - 1) steken in rechte tricot.

·        Meerder om de 6 (10 - 14 - 0) rijen aan weerszijden 1 steek op 2 steken van de rand en doe dit 12 (7 - 5 - 0) keer (zie tips). Voor de grootste maat worden er dus geen meerderingen gemaakt. Zorg ervoor dat de ajourtekening correct blijft uitkomen. Door gebruik te maken van stekenmarkeerders aan het begin van elke herhaling zou dit geen probleem mogen zijn.

·        Brei verder tot een totale hoogte van 26 (27 - 28 - 29) cm en kant de steken dan losjes af (zie tips).

 

Afwerking

·        Span de delen op een yogamatje op, maak ze vochtig met een plantenspuit en laat ze 24 uren aan de lucht drogen.

·        Naai de schoudernaden dicht en raap met de rondbreinaald 4 mm, beginnende bij de nek rechts achteraan, 122 (128 - 134 - 140) steken op voor de halsboord. Raap eerst per steek in het rugpand een steek op en ga verder langs het voorpand. Plaats eventueel in het midden van de afgekante steken van het voorpand een markering om ervoor te zorgen dat je aan weerszijden daarvan het zelfde aantal steken hebt. Brei in ribbelsteek en met de rondbreinaald dus afwisselend een rechte en een averechte toer. Begin met een averechte toer. Je kan er ook voor kiezen om voorlopig maar één schouder te sluiten en de kraag heen en weer te breien op gewone breinaalden. Brei in dit laatste geval alle steken en alle rijen recht. Kant als je drie ribbels hebt aan de goede zijde de steken losjes af.

·        Naai de mouwen in de armsgaten en sluit de rest van de naden.

 

Tips

·        Je zou telkens in het begin van het telpatroon van tien steken een stekenmarkeerder kunnen plaatsen om het tellen te vergemakkelijken.

·        Als je bij het voorpand de middelste 28 (28 - 30 - 32) steken moet afkanten voor de halsuitsnijding zou je het midden van deze steken kunnen markeren om achteraf bij het halsboordje het midden te kunnen definiëren. Zo zie je duidelijk dat je aan beide kanten van die markering precies evenveel steken opraapt.

·        Als je bij de mouwen meerderingen hebt gemaakt en je zou ervoor opteren om de helft van het ajourpatroon in het begin en op het einde van de rij toe te passen, zorg er dan voor dat je de minderingen ook aanpast aan het aantal omslagen dat je maakt. Als je bijv. op het einde van de rij niet genoeg plaats meer hebt om de tweede omslag van het telpatroon te maken, zorg er dan voor dat je op de plaats waar je normaal gezien een dubbele mindering maakt dan een enkele mindering maakt. Je haalt dan maar 1 steek af in plaats van 2 voor je de overhaling doet.

·        Als je op de laatste rij - vóór je de mouwen afkant - in het midden een markering aanbrengt, heb je het later makkelijker om het juiste punt van de mouw aan de schoudernaad vast te naaien.