Selecteer je taal / Choisissez votre langue


Maat

S (M-L-XL)

Dit heb je nodig

  • Rechte breinaalden 5,5 mm 
  • Rechte breinaalden 6 mm
  • Rondbreinaalden 5,5 mm (optioneel)
  • 9 (10 - 10 - 11) bollen Nuance in H10 - lichtpaars
  • 1 wolnaald

  Nuance (50gr/90m)  

Stekenverhouding

10 x 10 cm = 16 steken en 20 rijen in tricotsteek. 

Gebruikte steken

Boordsteek 1/1

  • 1ste rij: afwisselend 1 rechte en 1 averechte steek breien.
  • 2de rij en alle volgende rijen: de steken breien zoals ze zich voordoen (recht boven recht en averecht boven averecht).

Rechte tricotsteek

  • 1ste rij: alle steken recht breien.
  • 2de rij: alle steken averecht breien.
  • Deze 2 rijen steeds herhalen.

Zo maak je het

Voor je aan de slag gaat:
Meet even je borst- en/of heupomtrek, afhankelijk van wat je maakt. Sommige ontwerpen vallen wat ruimer of net wat strakker dan je verwacht. Door vooraf even op te meten, weet je zeker dat je de juiste maat kiest en voorkom je teleurstellingen na al het werk.

Rugpand

·        Zet 82 (92 - 100 - 108) steken op met breinaalden 5,5 mm en brei 4 cm in boordsteek 1/1.

·        Ga verder met breinaalden 6 mm in tricotsteek en brei tot een totale hoogte van 53 (55 - 57 - 59) cm en kant de steken losjes af.

Voorpand

·        Zet 82 (92 - 100 - 108) steken op met breinaalden 5,5 mm en brei 4 cm in boordsteek 1/1.

·        Ga verder met breinaalden 6 mm in tricotsteek en brei tot een totale hoogte van 47 (49 - 51 - 53) cm en kant de middelste 12 steken af. (Je maakt hier de uitsnijding voor de kraag.)

·        Brei nu de twee helften apart verder. We beginnen vervolgens aan de minderingen voor de hals.

o   Kant in de volgende rij die je recht breit de eerste 4 steken aan halszijde af en brei de rij verder uit. Brei de volgende rij averecht.

o   Kant in de volgende rij de eerste 3 steken aan halszijde af en brei de rij verder uit. Brei de volgende rij averecht.

o   Kant in de volgende rij de eerste 2 steken aan halszijde af en brei de rij verder uit. Brei de volgende rij averecht.

o   Kant in de volgende rij de 1ste steek aan halszijde af en brei de rij verder uit.

·        Brei nu verder tot een totale hoogte van 53 (55 - 57 - 59) cm en kant de overgebleven 25 (30 - 34 - 38) steken losjes af.

·        Brei de andere helft in spiegelbeeld en aldus de afkantingen in de averechte rijen.

Mouwen

·        Zet met je rechte breinaalden 5,5 mm 40 (42 - 44 - 46) steken op en brei 4 cm in boordsteek 1/1.

·        Ga verder met naalden 6 mm in tricotsteek en verdeel in de eerste rij op ongeveer gelijke afstand van elkaar 10 meerderingen.

o   Meerderingen doe je in een rij die je recht breit en maak je als volgt: brei de steek recht, maar laat ze nog niet van de rechternaald glijden, brei dan dezelfde steek nog een keer en steek in langs de achterkant. Zo heb je de steek verdubbeld.

·        Na de meerderingen heb je 50 (52 - 54 - 56) steken.

·        Ga verder in tricotsteek en meerder om de 6 rijen aan weerszijden een steek op 1 steek van de kant. Doe dit 11 (12 - 13 - 13) keer.

o   Doe dit als volgt: brei in het begin van de rij eerst 1 steek en verdubbel dan de volgende steek. Brei verder tot er nog twee steken op de linkernaald staan. Verdubbel dan de voorlaatste steek en brei de laatste steek recht. Na alle meerderingen heb je 72 (76 - 80 -82) steken.

·        Brei verder tot een totale hoogte van 45 (45 - 45 - 46) cm en kant de steken losjes of met een dikkere naald af.

Afwerking

·        Sluit de schoudernaden om daarna met de rondbreinaald het kraagje te breien. Het kraagje brei je in boordsteek 1/1 en met naalden 5,5 mm. Indien je het kraagje liever niet met een rondbreinaald breit, maar wel met twee gewone breinaalden, sluit dan maar 1 schoudernaad.

·        Begin achteraan in de nek, aan de rechterkant, en houd het werk met de goede kant naar je toe.

o   Steek met de punt van je breinaald in de eerste steek net onder de afkanting en haal de draad door – deze lus blijft op de naald staan. Herhaal dit voor elke steek in de nek.

o   Wanneer je aan de schoudernaad komt, raap daar één extra steek op. Zo voorkom je een gaatje op de overgang naar het voorpand.

o   Ga verder langs de halsrand naar beneden. Controleer na elke opgeraapte steek of er geen gaatje ontstaat. Zie je toch een gaatje? Haal die steek dan uit en probeer het opnieuw door iets lager in het breiwerk een steek op te rapen.

o   Let erop dat je aan beide kanten van de hals (vooraan links en rechts) evenveel steken opneemt. In totaal zul je ongeveer 88 steken oprapen – zorg er altijd voor dat het uiteindelijke aantal even is als je met een rondbreinaald werkt.

o   Gebruik je twee rechte breinaalden, dan neem je best een oneven aantal steken op, en begin en eindig je de eerste rij met een rechte steek aan de goede kant van het werk.

o   Tot slot: wanneer je de kraag dichtnaait, gebruik dan de matrassteek en naai in het midden van de eerste en laatste steek. Zo krijg je een mooie, volledige rechte steek in de naad.

·        Naai de mouwen aan en sluit dan alle zijnaden.

·        Stop de draadjes in.

Tips

·        Als het proeflapje afwijkt van wat hoger vermeld werd, kan je opteren om een dunnere of dikkere naald te gebruiken. Als je meer steken nodig hebt om tien centimeter te verkrijgen, gebruik dan een dikkere naald en omgekeerd.

·        Bij het afkanten van de 12 steken voor de hals kan je in het midden een markeerdraad of stekenmarkeerder hangen om later makkelijker te kunnen controleren of er aan beide kanten evenveel steken werden opgeraapt voor het kraagje.

·        Je zou bij de mouwen een markeerdraad kunnen laten meelopen aan de zijnaden van je breiwerk, telkens wanneer je een meerdering gemaakt hebt. Dit maakt het makkelijker om na te tellen hoe dikwijls je al gemeerderd hebt en op welke plekken.

·        Bij het voor- en achterpand kan je om de tien rijen een merkdraad door je breiwerk laveren. Dat helpt je later om:
– makkelijker de panden in elkaar te naaien
– én het aantal gebreide rijen correct te tellen.

·        Om los te kunnen opzetten en afkanten zou je een dikkere breinaald kunnen gebruiken. Los afkanten zorgt ervoor dat je breiwerk elastisch blijft.