Voor de Leergierige beginners - Breien & haken

In een trui met lange mouwen krijg je het al snel te heet? Dit cosy vest houdt je warm, zonder dat het too much aanvoelt.

Download de werkomschrijving: 
PDF icon 49627_NL.pdf
Deel dit op: 

Hoe maak je het?

Stap 1
maat
  • eenheidsmaat
Stap 2
dit heb je nodig
  • Schachenmayr Alpaca Classico, bolletje van 50 g
  • ca. 50 g = 90 m
  • nr. 00036 (rosé) 18 bolletjes
  • De etiketten controleren, alleen bolletjes van dezelfde kleurpartij gebruiken.
  • De hoeveelheid garen kan van persoon tot persoon verschillen.
  • 1 rondbreinld 5,0 mm, 80 cm lang
  • 1 kabelnaald 5,0 mm
  • 1 borduurnaald
Stap 3
proeflapje
  • Gerstekorrel
  • 15 st en 26 nld = 10 cm x 10 cm
  • Kabelmotief A
  • 16 st en 26 nld = ca. 8 cm x 10 cm
  • Kabelmotief B
  • 34 st en 26 nld = ca. 16 cm x 10 cm
Stap 4
basistechnieken
  • Av. tricotsteek
  • Heeng. nld. av., terugg. nld. re. breien.
  • Gerstekorrel
  • Afwisselend 1 st. re., 1 st. av. breien en het motief in elke nld. laten verspringen.
  • Kabelmotief A
  • Over 12 st. resp. 16 st. volgens de teltekening breien.
  • Alleen de heeng. nld. zijn getekend; in de terugg. nld. de st. breien, zoals die zich voordoen resp. zoals bij ‚Verklaring tekens‘ is aangegeven. 1x de 1e t/m 6e nld. breien, dan de 7e t/m 16e nld. steeds herhalen.
  • Kabelmotief B
  • Over 26 st. resp. 34 st. volgens de teltekening breien. Alleen de heeng. nld. zijn getekend; in de terugg. nld. de st. breien, zoals die zich voordoen resp. zoals bij ‚Verklaring tekens‘ is aangegeven. 1x de 1e t/m 6e nld. breien, dan de 7e t/m 42e nld. steeds herhalen.
  • Kantst.
  • Aan alle randen knoopjes-kantst. verwerken d.w.z. de eerste en laatste st. van elke nld. telkens re. breien.
Stap 5
zo maak je het
  • Het vest bestaat uit een rugpand en een sjaaldeel, dat zowel de bovenkant van het rugpand als de voorpanden vormt. De pijltjes in het maatschema geven de breirichting aan.

 

  • Rugpand
  • 121 st. opzetten en voor de bies 4 nld. in av. tricotsteek breien, hierbij met 1 terugg. nld. re. beginnen. Dan nog 1 terugg. nld. av. breien en daarna verder in gerstekorrel werken. Op 59 cm hoogte [154 nld.] boven de bies alle st. afkanten. Totale hoogte: 60,5 cm.

 

  • Sjaaldeel
  • 69 st. opzetten en voor de bies 4 nld. in av. tricotsteek breien, hierbij met 1 terugg. nld. re. beginnen.Dan nog 1 terugg. nld. av. breien en aansluitend als volgt verder werken: kantst., 12 st. in kabelmotief A, 26 st. in kabelmotief B, 12 st. in kabelmotief A, 17 st. in gerstekorrel, kantst. In de 3e nld., als getekend, bij beide kabelmotieven A telkens 4 st. en bij het kabelmotief B 8 st.[= 16 st. totaal] meerderen = 85 st. In deze indeling nu als volgt verder breien: bij beide kabelmotieven A 1x de 1e t/m 6e nld., 50x de 7e t/m 16e nld. en 1x de 7e t/m 12e nld.; bij kabelmotief B 1x de 1e t/m 6e nld., 14x de 7e t/m 42e nld. en 1x de 39e en 40e nld. = 512 nld. resp. 197 cm hoogte boven de bies. In de volgende heeng. nld. boven de beide kabelmotieven A telkens 4 st. en boven kabelmotief B 8 st. minderen [= 16 st. totaal], hierbij telkens 2 st. re. samen-breien = 69 st. Op 198 cm hoogte boven de bies [= 514 nld.] voor de 2e bies 3 nld. in av. tricot-steek breien beginnend met een terugg. nld. Dan nog 1 heeng. nld. re. breien en tegelijk alle st. afkanten. Totale hoogte: 201 cm.

 

  • Afwerking
  • De delen opspannen, bevochtigen en laten drogen. Het midden van het sjaaldeel met de linker zijkant [beginnend met gerstekorrel] aan de afkantrand van het rugpand naaien. De baan in kabelmotief A vormt de halsrand [zie ook foto]. De zijnaden sluiten, d.w.z. de linker zijkanten van het sjaaldeel aan weerskanten aan het rugpand naaien, beginnend bij de onderbies, hierbij de bovenste 19 cm open laten voor de armsgaten. Alle draden instoppen.
Stap 6
afkortingen
  • heeng = heengaand
  • st = steek (steken)
  • nld = naald(en)
  • terugg = teruggaand