Voor de Makers met veel ervaring - Breien & haken

Ben jij een echte brei-expert? Ga dan voor dit model in jacquardpatroon en mix & match de kleuren naar hartenlust!

Download de werkomschrijving: 
PDF icon 51177_NL.pdf
Deel dit op: 

Hoe maak je het?

Stap 1
maat

S ( M – L – XL)

Stap 2
dit heb je nodig
  • 6 (6 – 7 – 7) bollen Soffio kleur écru 2000003297214
  • 1 bol Apilou lichtroze 2000010251858
  • 1 bol Apilou perzik  2000003379156
  • 1 bol Apilou lichtgroen 2000010251841
  • Rondbreiset van Prym  2000003346714
  • Wolnaald van Prym   2000003204243
  • Stekenmarkeerders van Prym 2000001431993
  • Stekenhouders van Prym 2000001020777
     
Stap 3
gebruikte steken

Rechte tricotsteek met rondbreinaalden

  • alle steken en alle toeren recht breien.

Boordsteek 1/1 met rondbreinaalden

  • 1e toer: afwisselend 1 steek recht en 1 steek averecht breien.
  • 2e toer en alle volgende: de steken breien zoals ze zich voordoen dus recht boven recht en averecht boven averecht.
     
Stap 4
stekenverhouding

10 x 10 cm = 19 steken x 26 rijen met breinaalden 4,5 mm in rechte tricotsteek met Soffio

Stap 5
zo maak je het

Deze trui wordt bottom-up gebreid. Eerst wordt het rug- en voorpand samen in het rond gebreid, vervolgens de mouwen en dan wordt alles samen gevoegd met een pas in jaquard motief.

Rug- en voorpand
Zet 178 (198 – 218 – 238) steken op met Soffio en naalden 4,5 mm en brei 6 cm boordsteek 1/1. Plaats in het begin en halverwege de toer stekenmarkeerders om het begin en einde van het rug- en voorpand aan te duiden.
Ga verder in rechte tricotsteek en verdeel op gelijke afstand 10 meerderingen over heel de toer (dus 5 in het voor- en 5 in het rugpand). Je hebt nu 188 (208 – 228 - 248) steken.
Brei verder tot een totale hoogte van 37 (38 – 39 – 40) cm en kant aan weerskanten van elke stekenmarkeerder 3 (4 – 5 – 5) steken af (dus 6 (8-10-10) per stekenmarkeerder). Je hebt nu zowel voor het rug- als het voorpand 88 (96 – 104 – 114) steken. Zet deze steken in wacht op een stekenhouder of op een kabel uit je rondbreiset.

Mouwen
Zet 38 (42 – 46 – 50) steken op met Soffio en naalden 4,5 mm en brei 6 cm boordsteek 1/1. Plaats in het begin van de toer een stekenmarkeerder om het begin van de toer aan te duiden.
Ga verder in rechte tricotsteek en verdeel op gelijke afstand 8 meerderingen over heel de toer. Je hebt nu 46 (50 – 54 – 58) steken.
Maak vanaf nu om de 7 toeren aan weerskanten van de stekenmarkeerder een meerdering en doe dit 12 (11 – 11 – 11) keer. Je hebt nu 70 (72 – 76 – 80) steken.
Brei verder tot een totale hoogte van 45 (46 – 47 – 48) cm en kant aan weerskanten van de stekenmarkeerder 3 (4 – 5 – 5) steken af. Je hebt nu nog 64 (64 – 66 – 70) steken.
Zet deze steken in wacht op een stekenhouder of op een kabel uit je rondbreiset.
Brei de tweede mouw op dezelfde manier.

Pas
Neem de langste kabel uit je rondbreiset en naalden 5 mm en plaats de 88 (96 – 104 – 114) steken van het rugpand op je naald, dan de 64 (64 – 66 – 70) steken van eerste mouw, dan de 88 (96 – 104 – 114) steken van het voorpand en tenslotte de 64 (64 – 66 – 70) steken van de tweede mouw. Je hebt nu 304 (320 – 340 -368) steken. Plaats een stekenmarkeerder tussen de eerste en laatste steek van je toer.
Brei 2 (2 – 4 – 4) toeren met Soffio en volg vanaf dan het jacquardpatroon door gebruik te maken van de drie kleuren Apilou.
Maak in de 15e toer gelijk verdeeld over heel de toer 64 (64 – 72 – 80) minderingen. Je hebt nu nog 240 (256 – 268 – 288) steken over.
Ga verder tot en met de 29ste toer.
Maak in de 30ste toer gelijk verdeeld over heel de toer 72 (80 – 88 – 96) minderingen. Je hebt nu nog 168 (176 – 180 – 192) steken over.
Ga verder tot en met de 42ste toer.
Maak in de 43ste toer gelijk verdeeld over heel de toer 40 (44 – 48 – 52) minderingen. Je hebt nu nog 128 (132 – 132 – 140) steken over.
Ga verder tot en met de laatste toer in jacquard.
Schakel over op naalden 4,5 mm en brei verder tot een hoogte van 20 (20 – 21 – 21) cm vanaf de eerste rij in jacquard.
Maak in de volgende toer 24 (24 – 20 – 24) minderingen. Je hebt nu nog 104 (108 – 112 – 116) steken over.
Brei dan 16 toeren boordsteek 1/1 en kant deze losjes af.
Plooi het boordje naar de binnenkant en zet het met een losse naaisteek vast aan de rij onder de eerste rij boordsteek, zo krijg je een leuk effect aan de halsboord.
Je kan ook al breiend het afkanten en vastzetten aan de binnenkant doen, zie tips voor meer uitleg hierover.

Afwerking
Maas de opening van de armsgaten dicht en stop alle draadjes in. Vergeet niet de loshangende draden van de jacquard ook weg te werken aan de binnenkant.

Tips over rondbreien
-    Bij het samenvoegen van de steken voor de pas kan je eventueel stekenmarkeerders plaatsen tussen elk pand. Dit is handig als je regelmatig het aantal steken wil tellen. Gebruik bij het begin van de toer dan wel een andere kleur of vorm dan de andere drie.
-    Je kan werken met een “lifeline” voor als je tijdens het breien een deel van je werk moet uithalen. Je doet dit als volgt: bevestig een draad van een andere kleur en een dunnere kwaliteit aan je rondbreinaald door het door het gaatje te trekken dat je gebruikte om de naald vast te vijzen aan de kabel. De draad gaat gewoon mee de toer rond totdat je terug aan het begin bent. Laat de draden samenkomen in het begin van de toer en maak er een knoopje in om ontsnapping te vermijden. Als je wat hoger enkele toeren moet uithalen is het makkelijker om dit te doen tot aan de lifeline en zo makkelijk je steken terug op te rapen. Herhaal dit eventueel op regelmatige basis.

Tip voor breiend afkanten en vastzetten kraag
-    Het tegelijkertijd afkanten en vastzetten van de kraag kan je doen als volgt: keer je werk na de laatste toer boordsteek zodat je de binnenkant van de trui naar je toe hebt. Raap met de punt van de breinaald de steek op van de laatste rij tricotsteek vlak onder de boordsteek.  Zet deze steek nu bij op de linkernaald en brei deze samen met de volgende steek. Doe dit opnieuw met de volgende steek: onderaan steek ophalen, bijzetten en samen breien. Haal dan de eerste steek op je rechternaald over de tweede steek en kant op deze manier alle steken losjes af. Voor een extra losse afzet kan je tussen de steek die je overhaalt en de volgende steek telkens een omslag maken die je mee overhaalt bij het afkanten. Je haalt dus twee “steken” over in plaats van één steek.