Voor de Leergierige beginners - Breien & haken

Op zoek naar je eerste rondbreiprojectje? Ga dan aan de slag met deze trui en combineer een tricotsteek met een accent in gerstekorrel.  

Download de werkomschrijving: 
PDF icon 51157_NL.pdf
Deel dit op: 

Hoe maak je het?

Stap 1
maat

S (M-L-XL) 

Stap 2
dit heb je nodig
  • 6 (6-7-7) bollen shadow roze 200001031722
  • 5 mm aluminium rondbreinaald van Prym (40 cm) 2000002305163
  • 6 mm rondbreinaald van Prym (80 cm) 2000003401147
  • 6 mm aluminium rondbreinaald van Prym (40 cm) 2000003346868
  • Kunststof stekenmarkeerringen van Prym 2000001431993
  • Wolnaalden van Prym 2000001933411
     
Stap 3
gebruikte steken

Rechte tricotsteek in de ronde

  • 1ste rij: alle steken recht breien.
  • Deze rij steeds herhalen.

Boordsteek 1/1 in de ronde 

  • 1ste rij: afwisselend 1 rechte en 1 averechte steek breien.
  • 2de rij en alle volgende rijen: de steken breien zoals ze zich voordoen (recht boven recht, en averecht boven averecht).

Gerstekorrel steek in de ronde

  • 1ste rij afwisselen 1 rechte en 1 averecht steek breien.
  • 2de rij en alle volgende rijen: alle rechte steken averecht breien, en alle averechte steken recht breien (averecht boven recht, en recht boven averecht)
     
Stap 4
stekenverhouding

10 x 10 cm = 22 steken x 22 rijen met breinaalden 6 mm in tricotsteek.

Stap 5
zo maak je het

Deze trui wordt top-down met ronbreinaalden gebreid.

Ronde pas
Zet 68 (72-72-76) steken op met rondbreinaald 5 mm, plaats een steekmarkeerder om het begin van de ronde te indiceren. Brei 20 cm in boordsteek 1/1 in de ronde. 
Plaats nog 3 bijkomende stekenmarkeerders om de mouwen, voor- en achterkant te onderscheiden. De originele steekmarkeerder is je 1ste steekmarkeerder. Plaats een 2de na steek 4 (mouw), 3de na steek 34 (36-36-38) (voorpand), en 3de na steek 38 (40-40-42) (mouw). De resterende 30 (32-32-34) steken op je ronde is je rugpand.
Schakel over naar rondbreinaald 6 mm, en brei verder in tricotsteek in de ronde.
Meerder 12 (13-14-15) x 1 steek aan beide kanten van de rugpand en voorpand elke 3de rij op 1 steek van de stekenmarkeerder en 18 (20-21-23) x 1 steek aan beide kanten van de mouwen elke 2de rij op 1 steek van de stekenmarkeerder.
Je hebt nu 54 (58-60-64) steken voor je rugpand, en evenveel voor je voorpand, en 40 (44-46-50) steken voor elke mouw.
Brei nog 3 toeren in tricot steek.

Lijf
Nu gaan we de mouwen splitsen van voor- en rugpand en het lijf verder breien.

Hou de eerste steekmarkeerder op je breinaald. Zet 2 (2-4-4) nieuwe steken op aan het begin van de nieuwe ronde. Plaats de 40 (44-46-50) steken van de 1e mouw op reservenaalden of wat reservedraad, verwijder de 2de stekenmarkeerder, brei de steken van de voorpand, verwijder de 3de stekenmarkeerder, en zet opnieuw 2 (2-4-4) nieuwe steken op je naald, plaats de 40 (44-46-50) steken van de 2e mouw op reservenaalden of wat reservedraad, verwijder de 4de stekenmarkeerder, en brei de steken van de rugpand. 
Brei de steken van de voor- en rugpand verder in gerstekorrel in de ronde tot het werk (inclusief de kraag) 72 (73-74-75) cm meet.

Wissel terug naar rondbreinaald 5 mm en brei 8 cm in boordsteek 1/1. 
Kant alle steken losjes af.

Mouwen
Werk nu de mouwen verder af. Haal met rondbreinaald 6 mm (40 cm) de steken op die op reservenaalden staan en zet 2 (2-4-4) nieuwe steken op je naald onder de arm.
Brei 14 cm in rechte tricotsteek in de ronde. Brei dan 11 cm in gerstekorrel in de ronde.
Brei nog 13 (13-14-14) cm in rechte tricotsteek in de ronde.

Brei de volgende rij als volgt: brei 1 steek recht, 1 steek averecht, en wissel nu telkens af met 2 steken recht samen te breien en 2 steken averecht samen breien tot het einde van de ronde. Je hebt nog 22 (24-26-28) steken over.
Brei verder in boordsteek 1/1 in de ronde tot de mouwband 5 cm meet.

Afwerking
Stop alle losse draadjes in.