Voor de Absolute beginner

We hebben verschillende steken geleerd: nu gaan we combineren… En op het einde van deze week heb je al een kwart van je plaid klaar!

Download de werkomschrijving: 
PDF icon 41445_NL.pdf
Deel dit op: 

Hoe maak je het?

In dit vierkantje worden afwisselend stokjes en vasten gehaakt.

Haak een ketting van 19 lossen + 1 keerlosse.

Rij 1: haak een stokje in de 2de losse vanaf de naald, haak een vaste in de volgende losse, haak afwisselend verder een stokje en een vaste tot het einde van de ketting lossen, eindig met een stokje. Je hebt nu 19 steken. Haak 1 keerlosse en draai om.

Rij 2: eerste stokje overslaan, 1 stokje in de vaste, 1 vaste in het volgende stokje. Haak zo verder tot het einde van de toer.

Let op: de laatste en de eerste steek is steeds een stokje. Op het einde van de toer in de losse, in het begin van de toer in de eerste vaste.

Haak in totaal 18 rijen.

Probeer mooi recht te haken. Tel regelmatig het aantal steken per rij, zo voorkom je dat je meer of minder steken krijgt.

Haak nog 8 dezelfde vierkantjes, telkens in een andere kleur of in een andere garencombinatie.

  • Zie filmpje Vierkantje op en neer
  • Zie ook het telpatroon

Onze Crochet Challenge in het kort
  • 11 weken lang elke week één haakpatroon van een vierkantje. Uitleg in symbolen, tekst én een filmpje.
  • In de 12de week volgt de uitleg over de afwerking en het in elkaar zetten van de plaid.
  • Elk vierkantje moet 9 keer gehaakt worden, telkens in een andere kleur.
  • In totaal heb je 96 gehaakte vierkantjes nodig.
  • Basiskennis van haken is aanbevolen (lossen, vasten en stokjes), maar niet vereist.
  • Twee versies: basic en luxe (zie voor de benodigdheden bij de Intro).
  • Leer de symbolen! Die worden alsmaar belangrijker in het begrijpen van de patronen.

 

Veerle Van Reusel

Expert DIY